Maf winterweer

Vorst 21-12-2007

Kijk dat zijn nog een plaatjes van de KNMI. En het vriest al sinds maandag aan een stuk door. Niet heel hard, maar wel de hele dag. Gister was op Schiphol het maximum van de dag -2,5 graden Celsius. Er hangt al dagen een Hogedrukgebied en een hardnekkig mist en wolkendeken. Daarboven is het een stuk warmer, begrijp ik van de weermannen. Bomen zijn mooi berijpt, misschien kunnen we schaatsen morgen. Roel heeft al op de uiterwaarden bij Wageningen geschaatst liet hij weten. Wat ook apart was dinsdag of zo dat het toen in het westen kouder was dan in het oosten. Helaas wordt er wel voor zondag dooi aangekondigd.

Na zonneschijn komt regen

Vandaag de eerste regen na anderhalve maand schitterend weer. Teletekst zegt er dit over:

APRIL 2007:EXTREEM WARM,ZONNIG EN DROOG

April was dit jaar uitzonderlijk: ongekend warm,zonnig en extreem droog.De gemiddelde temperatuur was in De Bilt 13,1 graden tegen 8,3 graden normaal. Dat is normaal voor Nice aan de Middellandse Zee. De maand was bijna twee graden warmer dan april 1794, de vorige recordmaand. Uiteraard regende het warmterecords. Zo waren er 14 warme dagen (20 graden of meer) tegen 2 normaal.Ook het aantal zomerse dagen (25 graden of meer) was met 7 een record.

Gewoonlijk komt het kwik in april in De Bilt zelden boven de 25, nu waren er twee periodes van elk 3 en 4 zomerse dagen. De 14de was de eerste zomerdag. Zo warm was het zo vroeg in het jaar nog nooit geweest. In De Bilt werd op 15 april een recordstand van 28,9 graden gemeten. Westdorpe was met 29,7 graden de warmste plaats. Een record was dat niet: op 21 april 1968 werd in Limburg 32,2 graden gemeten. Ook de etmaalgemiddelden waren hoog, maar de laatste drie etmalen van april 1993 staan nog steeds aan kop.

Opvallend waren de zwoele avonden, maar er waren ook koude momenten. De laagste temperatuur was -3,0 graden in de Achterhoek. Aan de grond vroor het lokaal 8 graden.

Ook de zon overtrof alle eerdere records. Landelijk gemiddeld berekende ’t KNMI 280 uren zon tegen 162 normaal. De Bilt kwam uit op 284 uren zon, aantallen die zich kunnen meten met de zonnigste zomermaanden. De meetmast Cabauw spande de kroon met 294 uren zon. Zonnekampioen is nog altijd mei 1989 met in De Bilt 331 zonuren. Vooral de laatste tien dagen waren met 103 uren uitgesproken zonnig. Aan top staan echter nog de laatste tien aprildagen van 1984 (118 zonuren) en van 1942 (110 zonuren).

Ook de droogte was extreem. Op veel plaatsen viel de hele maand geen druppel. De Bilt kreeg 0,3 mm in de meter. April 2007 is daarmee de droogste maand in de geschiedenis, net 0,1 mm droger dan februari 1986. De droogte begon al op 22 maart 2007 en het aantal droge dagen is uiteindelijkopgelopen tot 48. Ook dat is in ons land niet eerder vertoond. In combinatie met de warmte en de vele zon leverde dat een neerslagtekort (neerslag minus verdamping) op van circa 100 mm. In geen enkel jaar is het tekort aan neerslag in deze tijd zo groot geweest.

Het aanhoudend droge zonnige weer hing uiteraard samen met aanvoer van zeer droge lucht vanaf het vasteland van Europa. De relatieve vochtigheid daalde op enkele dagen tot onder de 20%, waarden die in ons land zelden worden gemeten. In de droge lucht was het zicht optimaal: zo kon de KNMI-waarnemer vanaf de verkeerstoren op Schiphol de Utrechtse Dom goed zien en werden zelfs objecten waargenomen die op 75 kilometer afstand lagen.

Hoe zou het zijn geweest als deze periode midden in de winter was langsgekomen? Dat zou toch een aardig pak ijs hebben opgeleverd…

Camp – Inch

Zondag 22 juli de volgende etappe. De oversteek van het schiereiland stond ons te wachten. Met het plan om vanavond een bed & breakfast te scoren!

Na een langdurige klim kwamen we in een soort grote kom, midden op het schiereiland, en moesten we kilometerslang tussen de turf-afgraverijen doorwandelen. Het was heet, en saai. Jammer dat het zondag was, anders hadden we misschien de ontginning in werking gezien. Dat moet wel een bedroevend gezicht zijn. Het is akelig werk, brengt weinig op, turf als energiebron is zó van vroeger. En bovendien wordt het landschap beroofd en verwoest. Wat in eeuwen gevormd is wordt zo effe weggehaald.

De kom bestond dus uit veengrond met grassige begroeiing en zonder enig boompje. Verderop was wel een bosje, en vanwege de hitte en de zon snakten we ernaar daar te komen. In het bos passeerden wij het Nederlandse stel dat de hele tijd voor ons had gelopen. Zij zaten pauze te houden en te praten met… Arjan en Esther uit Deventer die we in Laragh hadden ontmoet. Zij hadden besloten ook nog even de Dingle way te doen, maar dan anders om. Wij wisten echter met beter dan dat ze de Ring of Kerry aan het doen waren. Het was leuk ze weer te zien. We vertelden dat we in Waterford nog een spoor van ze gevonden hadden.

Na een kwartier babbelen gingen we weer ons weegs. Dat is gek, ben je hevig verrast dat je ergens ver weg, mensen tegen komt die je graag mag en die je daar totaal niet verwacht, en dan zeg je na een kwartiertje weer gedag, niet wetend of je ze ooit nog weer zult zien. Toch heb je niet grote behoefte om adressen uit te wisselen, want dat zou misschien verplichtingen scheppen voor na de vakantie, wanneer je weer met andere bezigheden en in een andere stemming bent.

Bij Inch waren we aan de overkant van het schiereiland aangekomen. We keken uit op het strand en voelden voor een zwempartij. Dat was een goed idee, het was heerlijk, een mooi strand, schoon, niet koud water. De Ieren vertelden ons dat het nog nooit zo druk geweest was op het strand, maar voor Nederlandse begrippen was het rustig. En dat de auto’s op het strand geparkeerd stonden was enigszins noodzaak omdat er geen parkeergelegenheid was. Maar het is een gek gezicht, al die auto’s aan de vloedlijn, en de familie’s er naast in het zand. Ierse moeders zorgen er angstvallig voor dat hun blonde kindertjes niet verbranden, met hoedjes en shirtjes en zonnebrandcreme.

Toen iedereen naar huis ging ontstonden er fikse opstoppingen. Maar het was een verademing om te zien hoe gelaten en welgemutst iedereen dat onderging. Nergens boze blikken of opdringerige auto’s of getoeter. Iedereen aanvaardde z’n lot en wachtte rustig totdat ze verder konden. In Nederland zul je dat niet zo zien. Maar ja, een file na een dagje strand komt in Ierland niet zo vaak voor.

Vlakbij was een bed & breakfast na nog wat zeuren van Djeph dat het bordje zo sjiek was en dat het vast heel duur was, en nadat de eigenaar heel aardig bleek en bezorgd vroeg of we ons de (normale) prijs van £ 10 p.p. konden veroorloven gingen we erin. Het was een groot huis, prachtig gelegen, met uitzicht over de zee. De eigenaar liet ons onze kamer zien, klein maar goed met stevig bed en onthaalde ons in de family room op een ferme, zeer welkome, pot thee. Hier was het goed toeven, dat hadden we gelijk door. De man hield van praten, maar liet ons ook prettig met rust en gaf ons het gevoel dat we welkom waren. Uit hoe hij over “the lady” sprak, zijn vrouw dus, kregen wij het idee dat straks de huistiran thuis zou komen, maar het bleek ook een hele aardige mevrouw. Buiten, op ons gasje op het terrasje, ons maaltje gekookt. In de stille avond werden hier de midgets wel erg lastig.